Volgen en toetsen
Het is van belang dat zwakke rekenaars zo vroeg mogelijk worden gesignaleerd en gerichte hulp krijgen. Aan de hand van toetsen en observatiegegevens kan bepaald worden welke leerlingen in aanmerking komen voor een (zeer) intensief aanbod en welke leerlingen terug kunnen keren van een intensief aanbod naar een basisaanbod.

Naast signalering wordt het volgen en toetsen ingezet om de vorderingen van leerlingen na te gaan: wat heeft het intensieve aanbod voor effect gehad? Hebben de leerlingen de doelen nu wel bereikt? Wat heeft de leerkracht gedaan wat effectief bleek? Wat is na gelaten en zou de komende periode ingezet kunnen worden? Voor het intensieve aanbod is het belangrijk om na te gaan welke interventies wel en niet effectief zijn geweest.

Het signaleren en volgen gebeurt meestal aan de hand van de resultaten van methode gebonden toetsen, methode onafhankelijke toetsen (Citotoetsen), het gemaakte werk, algemene observatiegegevens uit een leerlingvolgsysteem (bijvoorbeeld KIJK of het ontwikkelingsvolgmodel) of gerichte observatiegegevens naar aanleiding van een peilingsspelletje.

Meer informatie kan worden verkregen door gerichte observaties tijdens een activiteit en diagnostische gesprekken.

Om na de evaluatie opnieuw doelgerichte hulp te kunnen bieden is er behoefte aan informatie over het rekenniveau, het handelingsniveau en het strategiegebruik van de leerling. Op basis van deze gegevens kan een nieuwe periode van hulp ingezet worden.

Meer informatie

In het protocol ERWD worden het handelingsmodel en het drieslagmodel beschreven. Beide modellen bieden aanknopingspunten om de rekenwiskundige ontwikkeling van leerlingen te volgen, observeren en analyseren. Ook geeft het protocol aanwijzingen voor het voeren van diagnostische gesprekken.

  • Groenestijn, M. van, Borghouts, C. & Janssen, C. (2011). Protocol Ernstige Reken Wiskunde-problemen en Dyscalculie. Assen: Van Gorcum.
  • Handelingsmodel.
  • Drieslagmodel.

 

 

 

 

Een overzicht van rekentoetsen per referentieniveau.

Op de kennisbank rekenen wordt onder het thema niveauverschillen in het primair onderwijs  meer informatie gegeven over observeren, methode gebonden toetsen en methode onafhankelijke toetsen. Er worden adviezen gegeven voor het voeren van diagnostische gesprekken en specifieke observaties. Ook worden voor alle (deel)domeinen onder het kopje ‘Leren van fouten’ tips en suggesties gegeven over hoe je met veel voorkomende fouten die leerlingen maken kunt omgaan.

Door Cito zijn aangepaste toetsen voor speciale leerlingen ontwikkeld. Via de website van cito kunt u een wegwijzer downloaden die meer informatie geeft over de inzet van deze toetsen.

Bakker, M., Gerrits, P. &Thiell, J. (2012). Resultaat met rekenen. CPS onderwijsontwikkeling en advies: Amersfoort.

Gelderblom, G. (2008). Effectief omgaan met verschillen in het rekenonderwijs. CPS onderwijsontwikkeling en advies: Amersfoort.

Gelderblom, G. (2008). Effectief omgaan met zwakke rekenaars. CPS onderwijsontwikkeling en advies: Amersfoort.